(17 juli 2023)
Vorig weekend was de Tuinvlindertelling. Hierbij kon je doorgeven welke en hoeveel dagvlinders je in je tuin had gezien. Dit jaar stond de atalanta op nummer 1. Een soort die opvallend veel gezien werd, was de gamma-uil. Alleen: je kon die niet doorgeven, omdat het om een nachtvlinder gaat.
Wat is het verschil tussen dag- en nachtvlinders? Bij dagvlinders eindigen de antennes altijd in een knop. Bij nachtvlinders is het einde draad- of veervormig. Dagvlinders houden in rust de vleugels vaak dichtgeklapt, haaks op het lichaam. Nachtvlinders houden in rust de vleugels plat boven het lichaam of dakvormig zoals de gamma-uil (foto linksonder). Veel nachtvlinders zijn ’s nachts actief, maar er bestaan ook dagactieve nachtvlinders. Een gamma-uil is zowel overdag als ’s nachts actief.
Een gamma-uil is bruin met een opvallende geelwitte Y-vormige vlek in het midden van de voorvleugels. Deze vlek lijkt op de Griekse letter gamma of op een pistooltje. Voor uilen met wie de gamma-uil verward kan worden, zie hier.
Op de foto rechtsboven zie je de rups. Als waardplanten worden heel diverse planten gebruikt zoals braam, walstro, klaver, brandnetel en landbouwgewassen zoals aardbei, tomaat, erwt, kool en boon. Gamma-uilen worden dan ook als ‘schadelijk’ gezien.
Gamma-uilen zijn trekvlinders. Ze komen vanuit het Middellandse Zeegebied naar het noorden gevlogen. Van april tot november worden ze door het hele land waargenomen, met juli en augustus als topmaanden. In ons land ontwikkelen zich een of twee generaties. De laatste generatie vliegt weer terug. Voor een vlinder is het dus een enkele reis naar het noorden of naar het zuiden. In het winterhalfjaar ontwikkelt zich in het zuiden ook weer een generatie. Soms proberen gamma-uilen hier te overwinteren, als rups. Maar dat lukt alleen als het geen strenge winter is.
Het is een hele prestatie om als vlinder zo’n stuk (2.000-2.500 km) te vliegen. Ze kiezen de meest gunstige wind en hoogte uit, maar moeten wel bijsturen onderweg. Ze halen snelheden tot 90 km per uur. Er zijn meer trekvlinders in Europa. Bij de nachtvlinders gaat het om kolibrievlinder, windepijlstaart, doodshoofdvlinder en blauw weeskind. Ook de atalanta, de nummer 1 uit de Tuinvlindertelling, is een trekvlinder. Over deze vlinder en andere trekkende dagvlinders een andere keer meer.
Waarom trekken deze vlinders en soms zo massaal? Daarover is nog veel onduidelijk. Een deel blijft namelijk in de zomer gewoon in het zuiden. Maar waarschijnlijk spelen overpopulatie, voedselaanbod en weersomstandigheden een rol. Het is nu natuurlijk extreem warm in Zuid-Europa.
Een gamma-uil heeft veel nectar nodig, zeker voor de reis. Die haalt hij uit de bloemen van struikheide, koninginnenkruid, kruiskruiden en allerlei soorten lip- en vlinderbloemigen. In onze tuin zien we ze nu van bloem naar bloem fladderen op o.a. wilde marjolein (rechts onder), teunisbloemen (foto rechts midden), stijf ijzerhard, lavendel, bergamotplant en vlinderstruik (buddleja).
De vaak aangeprezen vlinderstruik is overigens inmiddels omstreden. Deze struik komt oorspronkelijk uit China en kan zich invasief gedragen. Het is een pionier die andere planten kan verdringen en schade kan veroorzaken aan gebouwen en infrastructuur. De struik trekt bovendien vooral algemene soorten aan en is niet geschikt voor bedreigde, specialistische insecten. Wil je echt iets voor vlinders en andere insecten doen, dan kun je beter andere (inheemse) planten in je tuin zetten dan (alleen) een vlinderstruik. Zie hier voor alternatieven. En vergeet ook de waardplanten niet!
Hier lees je waarom ik elke dag een soort plaats.
𝘉𝘳𝘰𝘯𝘯𝘦𝘯: 𝘝𝘭𝘪𝘯𝘥𝘦𝘳𝘴𝘵𝘪𝘤𝘩𝘵𝘪𝘯𝘨, 𝘯𝘢𝘵𝘶𝘶𝘳𝘱𝘶𝘯𝘵.𝘣𝘦, 𝘕𝘢𝘵𝘶𝘳𝘦 𝘛𝘰𝘥𝘢𝘺

3 gedachten over “Soort van dag 198: gamma-uil”