(18 juli 2023)
Bramen zijn heerlijke vruchten en de struiken waaraan ze groeien, noemen we ook braam. Maar wist je dat ‘de braam’ helemaal niet bestaat?
‘Braam’ is de naam van een geslacht waartoe framboos, een aantal exoten (Japanse wijnbes, prachtframboos) en heel veel bramensoorten behoren. In Heukels’ Flora van Nederland staan bladzijden vol met bramensoorten waarvan de meeste alleen een wetenschappelijke (Latijnse) naam hebben en geen (officiële) Nederlandse naam. En dat zijn dan alleen nog maar soorten die regelmatig voorkomen of ecologisch van bijzonder belang zijn. Want er blijken in Nederland meer dan 200 soorten bramen voor te komen!
Hoe dat komt, is een best ingewikkeld verhaal. Het heeft te maken met een combinatie van onderling kruisen, ongeslachtelijke voortplanting via zaad en verveelvoudiging van het aantal chromosomen. De details kun je lezen in de brochure ‘Bramenland Nederland’. In deze brochure vind je heel veel informatie over bramen in Nederland. En wil je weten met welke soort je precies te maken hebt? Er is een speciale website voor het determineren van al die bramensoorten.
Enkele bramensoorten zijn heel algemeen. Veel soorten groeien heel specifiek op bepaalde plekken. Je kunt stellen dat elke regio zijn eigen bramenflora heeft. Er zijn regio’s met meer dan 35 soorten (zoals de Veluwezoom en rond Winterswijk) en regio’s waar nauwelijks bramen groeien (zoals de voormalige veenkoloniën in het noorden van het land).
Een soort die je makkelijk herkent en die vrij algemeen is, is de dauwbraam (foto linksboven). Hiervan zijn de stengels blauw berijpt, net zoals de vruchten. De bloemen zijn wit. Per tros zijn er maar weinig bloemen. Er zitten minder ‘bolletjes’ (deelvruchten) in een braam dan bij andere braamsoorten en de struik wordt niet zo hoog. De bladeren zijn altijd drietallig en verkleuren in de herfst naar rood. De soort op de foto rechtsonder is waarschijnlijk een koebraam.
Er is ook een bramensoort, de dijkviltbraam, die afkomstig is uit de Kaukasus en zich als een invasieve exoot gedraagt. In het westen van ons land is het vermoedelijk inmiddels de meest gewone braam.
Bramen hebben een belangrijke ecologische functie. Denk maar aan vogels en andere dieren die van de vruchten eten. Voor veel bijen, kevers en zweefvliegen zijn de bloemen een belangrijke nectar- en stuifmeelbron (in bossen op voedselarme grond vaak de enige bron van betekenis). Op de foto links onder is een boomhommel te zien. De struik is een belangrijke waardplant voor verschillende soorten vlinders, kevers en bladwespen. De bladeren worden ook gegeten door reeën en herten.
Doornstruwelen zijn een ideale schuil- en broedplaats voor allerlei dieren. De boomkikker (foto in het midden) houdt zich graag in braamstruiken op. Doornstruwelen bieden in gebieden met grote grazers bomen de gelegenheid om groot te worden.
Bramen hebben ook een negatieve naam. In de stikstofdiscussie valt vaak het woord ‘verbraming’. Door te veel stikstof gaan (in natuurgebieden) bramen en brandnetels overheersen ten koste van andere plantensoorten. Er bestaat zeker een relatie tussen stikstof en het voorkomen van bepaalde bramensoorten. Maar zoals vaak is het allemaal veel complexer. In de al eerder genoemde brochure wordt hier uitgebreid aandacht aan besteed.
Hier lees je waarom ik elke dag een soort plaats.
𝘉𝘳𝘰𝘯𝘯𝘦𝘯: 𝘣𝘳𝘰𝘤𝘩𝘶𝘳𝘦 𝘉𝘳𝘢𝘮𝘦𝘯𝘭𝘢𝘯𝘥 𝘕𝘦𝘥𝘦𝘳𝘭𝘢𝘯𝘥, 𝘞𝘪𝘬𝘪𝘱𝘦𝘥𝘪𝘢, 𝘕𝘦𝘥𝘦𝘳𝘭𝘢𝘯𝘥𝘴𝘦 𝘰𝘦𝘤𝘰𝘭𝘰𝘨𝘪𝘴𝘤𝘩𝘦 𝘧𝘭𝘰𝘳𝘢, 𝘸𝘢𝘢𝘳𝘯𝘦𝘮𝘪𝘯𝘨.𝘯𝘭

Eén gedachte over “Soort van dag 199: bramen”