Soort van dag 240: wulp

(28 augustus 2023)

We horen het weer in de weilanden achter ons huis: het betoverend mooie, weemoedige geluid van overvliegende en neerstrijkende wulpen. Hun geluid draagt ver en is daardoor goed te horen.

Wulpen zijn de grootste steltlopers van ons land. Opvallend is vooral hun lange naar beneden gebogen snavel. (Ezelsbruggetje: een wulp kijkt naar zijn gulp.) Ze zijn grijsbruin gevlekt en gestreept. Als ze vliegen, valt de lichte onderkant van de vleugels op.
In de graslanden achter ons huis komen ze om te foerageren. Ze eten daar o.a. regenwormen en insecten(larven). Op getijdengebieden eten ze o.a. schelpdieren. Verder eten ze kreeftachtigen, bessen, zaden en soms ook kleine vissen, amfibieën, hagedissen, jonge vogels en muizen. Ze zoeken hun voedsel op het oog en op de tast, met hun gevoelige snavel. Wulpen kunnen wel twintig jaar oud worden.
Wulpen brengen de nacht door op gezamenlijke slaapplaatsen, bij voorkeur gebieden met voldoende rust en ondiep water (zoals natte graslanden, schorren en opgespoten terreinen).

Tot 1980 broedden wulpen vooral in (vochtige) heide-, hoogveen- en duingebieden. Uit deze natuurgebieden zijn ze grotendeels verdwenen. Waarschijnlijk omdat het broedsucces klein was door predatie (vos), voedseltekort, recreatiedruk en dichtgroeiende duinvalleien. Ze broeden nog wel in de duinen op de Waddeneilanden. Verder zijn ze overgestapt naar agrarisch gebied in het oosten en zuiden van ons land. Hier lijden ze onder intensivering van de landbouw waardoor landelijk gezien het aantal en het broedsucces afneemt. Het aantal broedparen bedraagt momenteel 4.000.
De wulp heeft het niet alleen in ons land moeilijk als broedvogel. Ierland werd altijd beschouwd als wulpenland, maar daar is de vogel bijna uitgestorven. Sinds 2017 staat de wulp op de Nederlandse Rode Lijst van bedreigde broedvogels.

De Nederlandse broedvogels vertrekken vanaf juni naar Zuidwest-Europa en Engeland. Hun plek wordt opgevuld door soortgenoten die in Scandinavië en Rusland hebben gebroed. In de winter verblijven hier 140.000-170.000 exemplaren. Nederland is belangrijk voor overwinteraars. Het gaat hierbij vooral om het Waddengebied waar 80-90% verblijft. De rest van de wulpen zit in Zuidwest- en West-Nederland, zoals bij ons in de buurt.

Naast wulpen bestaan ook nog regenwulpen. Die zijn kleiner en hebben, ook naar verhouding, een kortere snavel. Regenwulpen broeden niet in ons land maar zijn doortrekkers, dus in voorjaar en najaar waar te nemen.

Hier lees je waarom ik elke dag een soort plaats.

𝘉𝘳𝘰𝘯𝘯𝘦𝘯: 𝘸𝘦𝘣𝘴𝘪𝘵𝘦𝘴 𝘝𝘰𝘨𝘦𝘭𝘣𝘦𝘴𝘤𝘩𝘦𝘳𝘮𝘪𝘯𝘨, 𝘚𝘰𝘷𝘰𝘯 𝘦𝘯 𝘕𝘢𝘵𝘶𝘳𝘦 𝘛𝘰𝘥𝘢𝘺

Eén gedachte over “Soort van dag 240: wulp”

Plaats een reactie