(31 oktober 2023)
Vandaag aandacht voor een heel diverse groep zwammen die uiterlijk wel wat op elkaar lijken, maar toch tot heel verschillende families of zelfs stammen van het schimmelrijk kunnen behoren. Het gaat hierbij om knotsvormige, koraalvormige, draadvormige of vertakte kleine paddenstoeltjes.
Een heel bekende en algemeen voorkomende is de geweizwam. Op de foto’s bovenaan zie je ze in drie stadia. Jonge exemplaren zijn eerst draadvormig en later vertakken ze. Bij jonge exemplaren is de buitenkant bedekt met een wit poeder. Als de sporen in de zwam rijpen, verdwijnt het poeder en zwellen de zwarte toppen wat op. Je vindt deze zwam op stronken en stammen van dode loofbomen. Het hout is vaak al behoorlijk verrot. Overal in het land is deze zwam te vinden, ook in stedelijk gebied.
Verwant aan de geweizwam zijn de houtknotszwam en de esdoornhoutknotszwam. De laatste zie je op de foto in het midden links en vind je op dode, afgevallen esdoorntakken. De plompere houtknotszwam is veel algemener en vind je op allerlei soorten dood loofhout.
Ook heel algemeen voorkomend is de draadknotszwam, al heb ik die gisteren pas voor het eerst bewust gezien. Dat was in een bosje waar deze schimmels op rottend, afgevallen blad groeiden. Er is maar weinig knotsvormigs aan deze paddenstoel te zien. Ze worden 3 tot 6 cm lang en zijn maar 1 tot 2 mm dik. Wel een bijzonder gezicht, al die ‘haren’ die uit de grond groeien. Dat het toch echt om paddenstoelen gaat, zag ik toen er bij aanraking wolkjes van sporen opstegen. (Foto’s: in het midden en rechts daarvan.)
Een heel andere knotszwam is de heideknotszwam (foto linksonder). Deze opvallende verschijning van maximaal 8 cm lang vind je op de grond in bossen, onder struiken en tussen grassen en mossen op heide en in veenmoerassen. Meestal groeien ze in kleine groepjes. Vermoedelijk is het een mycorrhiza-schimmel die samenleeft met planten uit de heidefamilie.
Tot dezelfde familie horen de koraalzwammen. Deze zijn vertakt en je hebt ze in allerlei kleuren. Op de foto rechtsonder zie je een van de witte koraalzwammen. Ze kunnen 4 cm hoog worden. Witte koraalzwammen zijn mycorrhiza-schimmels die samenleven met diverse loofboomsoorten. Je vindt ze in bossen en wegbermen op niet al te voedselarme bodems.
Uit een heel andere familie is het kleverig koraalzwammetje, een opvallende oranje verschijning. Hij groeit op dood naaldhout. Soms lijkt het net of de zwammetjes op de grond staan, maar dan zitten ze op begraven hout. Ze worden 3 tot 6 cm hoog. Bij vochtig weer is de zwam kleverig. Er zijn soorten die hierop lijken maar die hebben breekbaar vruchtvlees. Het kleverig koraalzwammetje voelt kraakbeenachtig aan.
Op de foto daaronder zie je het geel hoorntje dat verwant is aan het kleverig koraalzwammetje. De vruchtlichamen hiervan zijn priemvormig en hooguit 1,5 cm hoog. Ze komen voor op dode takken en omgevallen boomstammen van loofhout. Ze vallen het meest op in natte periodes. Bij droog weer krimpt deze zwam tot oranje sliertjes. Er zijn soorten die hierop lijken, maar die zijn vertakt of komen op naaldhout voor.
Hier lees je waarom ik elke dag een soort plaats.
𝘉𝘳𝘰𝘯𝘯𝘦𝘯: 𝘝𝘦𝘭𝘥𝘨𝘪𝘥𝘴 𝘗𝘢𝘥𝘥𝘦𝘯𝘴𝘵𝘰𝘦𝘭𝘦𝘯 𝘐𝘐, 𝘋𝘦 𝘨𝘳𝘰𝘵𝘦 𝘱𝘢𝘥𝘥𝘦𝘯𝘴𝘵𝘰𝘦𝘭𝘦𝘯𝘨𝘪𝘥𝘴 𝘷𝘰𝘰𝘳 𝘰𝘯𝘥𝘦𝘳𝘸𝘦𝘨, 𝘞𝘪𝘬𝘪𝘱𝘦𝘥𝘪𝘢
