Soort van dag 176: Cetti’s zanger

(25 juni 2023)

Al een tijdje horen we op het natuurterreintje naast ons huis een vogel met een kenmerkend hard, explosief geluid. We konden het geluid niet thuis brengen al meende ik dat ik hem wel eens eerder had gehoord. BirdNET (een app) herkende hem ook niet en gaf als gok glanskop en roodborst. Nou, die waren het duidelijk niet. Eergisteren zat de vogel in onze tuin te zingen en toen móést ik het weten.

Een boekje van mijn man erbij gepakt: ‘De Virtuoze Vogelzanggids – Stapsgewijs vogelgeluiden leren herkennen voor iedereen’ (van de hand van Nico de Haan en Edwin van der Kolk; met QR-codes). Het begint met zoeken op leefgebied. Ik begon met ‘op het platteland’. Nee, die vogels herken ik allemaal wel. Daar zat hij niet tussen. Idem ‘in het moeras’. Toen heb ik de andere leefgebieden langsgelopen maar ik kon de vogel niet vinden. Toen het onderdeel vogeltaal. Nee, het is geen virtuoze zanger. Herhaalzangers, daar moet hij tussen staan! Nee, ook niet. Ik werd een beetje moedeloos. Ik bladerde nog even verder… eigennaamzangers en -roepers (onomatopeeën, dus). Mmmm… Ik keek welke vogels daarbij stonden. Cetti’s zanger? Even luisteren en ja hoor: dat is hem! Nu weet ik ook dat ik hem vorig jaar hoorde bij een vogelexcursie bij de Hoge Dijk in Amsterdam-Zuidoost.

Gisteren bezig geweest om het geluid op te nemen, met op de achtergrond het bosje waarin de vogel zit. Dat viel nog niet mee, want hij laat steeds maar een kort stukje horen en soms hoor je een hele tijd niets. Het filmpje staat bij het bericht op Facebook. (En hier kun je de vogel ook horen.)

Volgens de vogelzanggids en de website van de Vogelbescherming heet de vogel zo omdat hij CETti-CETti-CETti zou zeggen. Ik kan het er niet van maken; het klinkt eerder als “tet tet retteketet retteketet”. Volgens Wikipedia is hij vernoemd naar de Italiaanse natuuronderzoeker Francesco Cetti (18e eeuw).

Het is niet vreemd dat ik een vogeltje met zo’n karakteristiek geluid niet (her)kende. Het is een algemene broedvogel in de landen rond de Middellandse Zee. In ons land was het een zeldzame verschijning tot hij zich in twintig jaar tijd ontwikkelde tot een regelmatige broedvogel. In 2011 waren er zo’n 500 broedpaar, nu zijn het er zo’n 3.000-3.500. De grootste dichtheden komen voor in de Biesbosch. Hij leeft bij voorkeur in dichte vegetaties in de buurt van water (struiken, riet). De toename komt vooral door de warmere winters.

Uiterlijk is het een onopvallende vogel: klein, rossig warmbruin, vaak met een opgewipte staart. Hij heeft een donkere oogstreep met daarboven een lichte wenkbrauwstreep. Je zou hem uiterlijk kunnen verwarren met een tjiftjaf, kleine karekiet of winterkoning.

Cetti’s zangers broeden van april tot juli/augustus, vaak met twee legsels. Het nest bevindt zich laag in de dichte vegetatie. Ze eten insecten en andere ongewervelde dieren. Blijkbaar weten ze die in zachte winters in de Biesbosch en vergelijkbare gebieden te vinden. Want het zijn standvogels (ze trekken niet weg zoals andere insecteneters). Kortom: een luidruchtig vogeltje met nog veel geheimen. Ik ben benieuwd of jij hem ook al eens gehoord hebt.

Hier lees je waarom ik elke dag een soort plaats.

𝘉𝘳𝘰𝘯𝘯𝘦𝘯: 𝘋𝘦 𝘝𝘪𝘳𝘵𝘶𝘰𝘻𝘦 𝘝𝘰𝘨𝘦𝘭𝘻𝘢𝘯𝘨𝘨𝘪𝘥𝘴, 𝘞𝘪𝘬𝘪𝘱𝘦𝘥𝘪𝘢, 𝘝𝘰𝘨𝘦𝘭𝘣𝘦𝘴𝘤𝘩𝘦𝘳𝘮𝘪𝘯𝘨, 𝘭𝘢𝘯𝘥𝘴𝘤𝘩𝘢𝘱𝘯𝘰𝘰𝘳𝘥𝘩𝘰𝘭𝘭𝘢𝘯𝘥.𝘯𝘭

Plaats een reactie