(13 augustus 2023)
Vandaag niet één, maar twee soorten. De afgelopen twee avonden en nachten ben ik in onze tuin op zoek gegaan naar nachtvlinders en andere nachtactieve beestjes. Dat heb ik gedaan met ‘smeer’ en met een hoofdlamp. Beide zijn manieren die iedereen vrij makkelijk kan doen. In plaats van een hoofdlamp kun je uiteraard ook een zaklamp gebruiken. Over de methode met ‘smeer’ morgen meer. (En ik bofte: ik heb afgelopen nacht meerdere vallende sterren gezien van de meteorenzwerm Perseïden.)
Ik heb nachtvlinders gezien waar ik nog nooit van had gehoord. Het mooie vlindertje op de foto trof ik aan op de wand van onze hooiberg. Waarneming.nl gaf aan dat het om een waaiermot gaat. ‘Mot’ is een woord dat vaak voor nachtvlinders wordt gebruikt en dan speciaal voor de micro-nachtvlinders.
De waaiermot wordt ook wel zespennig waaiermotje of kamperfoeliebloesemmot genoemd. Zijn spanwijdte is 14 à 16 millimeter. Het is een algemeen in Nederland voorkomend vlindertje dat als volwassen vlinder (imago) overwintert. Zijn waardplant zijn kamperfoeliesoorten. De rups eet van de meeldraden en stampers in nog niet geopende kamperfoeliebloemen. Het rupsje is klein en lichtgeel.
Kamperfoelie is een geslacht waartoe twee inheemse soorten en een aantal tuinplanten behoren. Rode kamperfoelie is een struik die vermoedelijk in Zuid-Limburg inheems is, maar in de rest van het land verwilderd voorkomt. Wilde kamperfoelie is een struik met rechtswindende of kruipende twijgen. Deze groeit het liefst op matig voedselrijke, vrij zure grond. Je vindt deze liaan in bossen, struikgewas en in moerassen.
Voor het eind van de winter lopen de knoppen al uit en zie je toefjes groen verschijnen. De plant bloeit van juni tot oktober met bloemen in een soort hoofdje. De bloemen zijn geelachtig wit, vaak van buiten roodachtig aangelopen, en geuren ’s avonds en ’s nachts heerlijk. Hierop komen vooral insecten met een lange tong af, zoals de prachtige pijlstaartvlinders en de uilen. Helaas heb ik die de afgelopen nachten niet gezien. Van de wilde bijen is de tuinhommel de enige waarvan zijn tong lang genoeg is om bij de nectar te kunnen komen.
Inmiddels hangen er ook al bessen aan de struiken. De glanzend rode bessen zijn voor mensen licht giftig. Ze worden door verschillende vogels gegeten. Voor de winter invalt, zijn ze op.
Kamperfoelie is niet alleen voor de waaiermot de waardplant. Nog veel meer soorten vlinders zetten hun eitjes af op deze plant. Van de dagvlinders doet de kleine ijsvogelvlinder dat. Van de nachtvlinders o.a. glasvleugelpijlstaart, kamperfoelie-uil en een aantal bladrollers. Ook verschillende mineerders vind je op de wilde kamperfoelie. Tenslotte zijn er nog een roestzwam en een bladluizensoort gespecialiseerd op deze plant. Voor kleine vogels is wilde kamperfoelie een fijne struik om in te schuilen.
De Nederlandse naam kamperfoelie is een verbastering van het Latijnse caprifolium wat letterlijk geitenblad betekent.
Hier lees je waarom ik elke dag een soort plaats.
𝘉𝘳𝘰𝘯𝘯𝘦𝘯: 𝘞𝘪𝘬𝘪𝘱𝘦𝘥𝘪𝘢, 𝘮𝘪𝘤𝘳𝘰𝘷𝘭𝘪𝘯𝘥𝘦𝘳𝘴.𝘯𝘭, 𝘕𝘦𝘥𝘦𝘳𝘭𝘢𝘯𝘥𝘴𝘦 𝘰𝘦𝘤𝘰𝘭𝘰𝘨𝘪𝘴𝘤𝘩𝘦 𝘧𝘭𝘰𝘳𝘢

2 gedachten over “Soort van dag 225: waaiermot en wilde kamperfoelie”