Soort van dag 312: bekermossen

(8 november 2023)

Speurend naar (kleine) paddenstoelen kun je soms op het verkeerde been gezet worden. Je denkt dat je een bekervormig paddenstoeltje vindt, maar het is het bekertje van een bekermos. En andersom komt natuurlijk ook wel voor.
Bekermossen zijn geen mossen maar korstmossen, levensvormen waarbij een alg en een schimmel samenwerken. Net zoals zwammen hebben de schimmels in bekermossen vruchtlichamen waarin de sporen gevormd worden. De bekertjes zijn de dragers ervan.

Bekermossen horen tot het geslacht Cladonia waarvan in ons land ruim vijftig soorten voorkomen. Ook de heidestaartjes en rendiermossen horen tot dit geslacht. Eerder kwam rood bekermos al aan de orde, een soort met opvallende, rode vruchtlichamen. Maar er zijn er nog veel meer zoals je in de collage kunt zien. Om ze te zien kun je het beste naar de zandgronden gaan, bijvoorbeeld naar de heide en de duinen.
Bekermossen en heidestaartjes hebben zogenaamde grondschubben. De kleur en vorm hiervan verschilt per soort. De bekertjes van bekermossen kunnen verschillende vormen, kleuren en groottes hebben. Het oppervlak kan bezet zijn met korrelige structuren die kunnen loslaten en vervolgens uitgroeien tot nieuwe korstmossen. Deze zorgen dus voor ongeslachtelijke (vegetatieve) voortplanting. Ook de vruchtlichamen op de bekers kunnen verschillende kleuren hebben zoals rood, bruin en zwart.
Om te weten met welke soort je te maken hebt, is het daarnaast belangrijk om te kijken naar de plek waar de bekermos groeit. Op dood hout? Als epifyt op de stam van een levende boom? Op een rieten dak? Op de grond? Is de bodem kalkrijk of kalkarm?

Op de foto’s zie je linksboven een bekertje tussen het mos. Is dit nu een bekermos of een bekervormig- of kelkvormig zwammetje? Ik heb niet naar eventuele grondschubben gekeken, dus ik kan het niet met zekerheid zeggen. Daarnaast zie je een bekermos tussen een van de heidestaartjes staan.
Volgens ObsIdentify (en gecheckt met de veldgids en Wikipedia) zie je op de tweede rij van links naar rechts: kopjes-bekermos, bruin bekermos (met op de achtergrond een heidestaartje) en rafelig bekermos. Op de derde rij zie je fijn bekermos, smal bekermos en zomersneeuw (ook wel bekend als elandgeweimos).

Zomersneeuw groeit op de grond en heeft grote, geelgroene grondschubben. Bij droogte krullen die om waardoor je de gelig witte onderzijde ziet. Het is een bekermos, maar de bekers ontbreken meestal. Je vindt deze soort vooral in de duinen.
Smal bekermos vind je alleen op zuur, rottend hout. Fijn bekermos leeft epifytisch op allerlei soorten bomen en ook wel op rottend hout. De andere drie bekermossen vind je op de grond, (rottend) hout en rieten daken. Kopjes-bekermos vind je bovendien op (bak)stenen. Omdat kopjes-bekermos op zoveel verschillende substraten kan groeien, kun je deze soort door het hele land aantreffen (minder in de zeekleigebieden).

Hier lees je waarom ik elke dag een soort plaats.

𝘉𝘳𝘰𝘯𝘯𝘦𝘯: 𝘝𝘦𝘭𝘥𝘨𝘪𝘥𝘴 𝘒𝘰𝘳𝘴𝘵𝘮𝘰𝘴𝘴𝘦𝘯, 𝘞𝘪𝘬𝘪𝘱𝘦𝘥𝘪𝘢, 𝘷𝘦𝘳𝘴𝘱𝘳𝘦𝘪𝘥𝘪𝘯𝘨𝘴𝘢𝘵𝘭𝘢𝘴.𝘯𝘭, 𝘸𝘢𝘢𝘳𝘯𝘦𝘮𝘪𝘯𝘨.𝘯𝘭

Eén gedachte over “Soort van dag 312: bekermossen”

Plaats een reactie